Ja-Zeker, De basis formules

De basiskennis over stroom

Eerst maar de Basis : Stroom , Spanning , Vermogen en weerstand.

Stroom word uitgedrukt in Ampere  (i)

Spanning word uitgedrukt in Volt     (U)

Vermogen word uitgedrukt in Watt   (P)

Weerstand word uitgedrukt in Ohm  (R)

Het verband tussen deze belangrijke 4 begrippen 

Stroom x Spanning = Vermogen  B.V.    10 ampere x 220 volt = 2200 watt

Vermogen : Spanning = Stroom              2200 watt : 10 ampere = 220 volt

Vermogen : Stroom = Spanning              2200 watt : 220 volt = 10 ampere

Nu kunt u bij maar 2 gegevens ( wat meestal het geval is) alles uitrekenen.

U koopt bijvoorbeeld een led-lamp voor 220 volt , en deze is 100 watt.

Als deze brand , dus 100 watt : 220 volt = 0,455 ampere.

Hé , en waar blijft weerstand in dit verhaal?

Ja , ik ga proberen dit simpel en begrijpelijk te houden.

Als een stroomkring gesloten is (de lamp brand) loopt er stroom over deze kring.

Iedere kring heeft een bepaalde weerstand , van heel groot tot heel klein.

Dit gegeven bepaalt de hoeveelheid  stroom.

Hoe meer stroom hoe dikker de kabel moet zijn.

Ene meneer George Ohm ondekte de wet van Ohm,

U(volt) = R (weerstand) x I (ampere) = R=U:I = I=U:r

We nemen de lamp van 100 watt 220 volt er even bij , we hadden berekent dat deze 0,455 A was.

220 volt = ? x 0,455 ampere  ? de weerstand van deze lamp is dus 484 ohm.

Weerstand word altijd omgezet in warmte.

Lekker belangrijk allemaal , maar wat heb ik hier aan.

Ach je kunt nu van ieder apperaat de weerstand berekenen , of de stroom als je de weerstand weet

Echter WAT BELANGRIJKER is , hoe langer en dunner een kabel is (hoe meer weerstand)

Ik kan u verzekeren als u een bijvoorbeeld een koffizetapperaat (vaak 2000watt) op een heel dun kabeltje van 100 meter aansluit , het kabeltje zo heet word (brandgevaar!) of zelfs smelt , met kortsluiting tot gevolg.